Waarom een goede bureaustoel net zo belangrijk is als een goed matras
Aan een nieuw matras gaan soms weken vooraf. Je leest je in over pocketvering en koudschuim, je vergelijkt boxsprings, je gaat proefliggen in een toonzaal en neemt er eentje mee dat je honderd nachten mag uitproberen. Misschien hangt er een slaaptracker aan je pols die je elke ochtend vertelt hoe diep je hebt geslapen. Allemaal voor de acht uur per nacht dat je ligt te slapen, waarvan je je het grootste deel niet eens herinnert.
En dan word je wakker, loop je naar je bureau, en zak je neer op een stoel die je ooit voor een paart tientjes op de kop tikte via marktplaats of die toevallig bij het bureau werd geleverd. Daar zit je vervolgens negen, tien uur. Klaarwakker. Elk uur voelbaar.
Het is een merkwaardig scheve logica. We zitten gemiddeld zo’n tien uur per dag, en voor veel mensen zijn dat meer wakkere uren op een stoel dan slapende uren in bed. Toch behandelen we het matras als een investering in onszelf en de stoel als een gebruiksvoorwerp dat er nu eenmaal staat. Niemand verkoopt je een zit-tracker. Niemand vraagt ’s avonds hoe je dag op je bureaustoel was.
Dat verschil zit hem denk ik in hoe we ernaar kijken. Slapen voelt als iets wat je goed of slecht doet, iets om aandacht aan te besteden, iets bijna deugdzaams. Zitten voelt als niks. Als gewoon even zijn. Maar je lichaam maakt dat onderscheid niet. Het houdt de uren op je stoel net zo nauwkeurig bij als de uren in je bed, alleen stuurt het de rekening later. Niet als een dramatische blessure, maar als die stijve onderrug rond een uur of vier, dat eindeloze verzitten, die vermoeidheid aan het eind van de dag die je op je werk schuift terwijl je stoel er net zo goed schuld aan heeft.
En sinds thuiswerken is gebleven, is het alleen maar schever geworden. De stoel bij jou thuis doet nu het werk waar vroeger een echte kantoorstoel voor stond, alleen heeft bijna niemand hem met dat idee gekocht. Hij was bedoeld voor af en toe een mailtje aan de keukentafel, niet voor een volle werkweek. Een goede bureaustoel voor thuiswerken is precies daarom geen luxe, maar dezelfde logica die je op je slaapkamer allang toepast. Specialisten als Bens Bureaustoelen bestaan eigenlijk bij de gratie van het feit dat de meeste mensen die stap nog niet hebben gezet.
Je hoeft er trouwens geen wetenschap van te maken. Een stoel die op jouw lengte is afgesteld, waarop je voeten plat op de grond staan en je rug steun krijgt in plaats van langzaam onderuit te zakken, doet het meeste werk al vanzelf. Net als bij een matras geldt: het gaat niet om de duurste, maar om de juiste voor jouw lijf. Iemand van 1,60 meter zit nu eenmaal anders dan iemand van 1,95 meter, en een stoel die dat verschil niet kent, past voor een van de twee gewoon niet.
Je hoeft je huis echt niet in een kantoor te veranderen. Je hoeft alleen dezelfde aandacht te geven aan het ding waarop je je dag doorbrengt als aan het ding waarop je je nacht doorbrengt. Want je lichaam telt allebei mee, of je er nu op let of niet.