Was je het minst favoriete kind? Wat het met je doet als volwassene
Zeven van de tien ouders trekken een kind voor. Wat onderzoek zegt over welke kinderen favoriet zijn, wat het met je doet als volwassene en hoe je het loslaat.
Bijna elke ouder zegt dat hij al zijn kinderen evenveel liefheeft. Toch trekken zeven van de tien ouders het ene kind voor ten opzichte van het andere, schrijft Psychologie Magazine in een bijgewerkt artikel over kinderen die zich achtergesteld voelen. Die voorkeur ontstaat soms al in de babytijd. Wie opgroeide als het kind dat net iets minder aandacht, geduld of waardering kreeg, draagt dat vaak nog mee als volwassene. De vraag is niet alleen wat het met je doet, maar ook wat je er nu nog mee kunt.
Welke kinderen vaker de favoriet zijn
In januari 2025 verscheen in het vakblad Psychological Bulletin de grootste analyse tot nu toe naar voortrekken in gezinnen. Onderzoekers Alexander Jensen en McKell Jorgensen-Wells van Brigham Young University bundelden data van bijna 19.500 deelnemers. Volgens de American Psychological Association bleek dat zowel moeders als vaders dochters iets vaker voortrekken. Ook kinderen die plichtsgetrouw en meegaand zijn, krijgen vaker een voorkeursbehandeling. Oudere kinderen krijgen vaak meer vrijheid.
Dat laatste punt is belangrijk om je eigen geschiedenis te begrijpen. Voortrekken gaat zelden over liefde in de zin van wel of niet houden van. Het gaat vaker over wie makkelijker is. Een kind dat zich aan afspraken houdt en weinig weerstand biedt, roept minder conflict op en krijgt daardoor makkelijker positieve aandacht. Een kind dat meer vraagt, botst vaker. Dat maakt het niet eerlijk, maar het helpt om te zien dat het minder over jou als persoon ging dan je misschien als kind dacht. De onderzoekers wijzen er zelf op dat hun werk alleen verbanden laat zien, geen oorzaken.
Wat het met je doet als volwassene
Het onderzoek dat het langst naar dit onderwerp kijkt, komt van sociologen Jill Suitor en Karl Pillemer. Zij volgen al jaren honderden Amerikaanse gezinnen met volwassen kinderen. In een studie uit 2015 onder 725 volwassen kinderen uit 309 gezinnen vonden ze dat wie zich het kind voelde waarin moeder het meest teleurgesteld was, vaker depressieve klachten had. Dat effect bleef bestaan, ook als die kinderen al jaren het huis uit waren en zelf een gezin hadden.
Opvallend is wat er aan de andere kant gebeurde. Volgens Purdue University hadden ook de kinderen die zich het dichtst bij hun moeder voelden vaker depressieve klachten. De onderzoekers verklaren dat met vergelijken. Het gaat niet om hoeveel aandacht je kreeg, maar om hoeveel je kreeg in verhouding tot je broers en zussen. Favoritisme belast dus het hele gezin, niet alleen het achtergestelde kind.
In het dagelijks leven kan het zich op verschillende manieren laten zien.
- Je blijft als volwassene zoeken naar erkenning van je ouders, ook als je weet dat die niet komt.
- Je vergelijkt jezelf steeds met een broer of zus, in je carrière, je relatie of de manier waarop je ouders over je praten.
- Je presteert om gezien te worden en voelt je pas goed als anderen tevreden zijn.
- Je voelt je snel buitengesloten in groepen, ook op je werk.
Herken je je daarin, dan betekent dat niet dat je een probleem hebt. Het betekent wel dat een oud patroon nog meespeelt.
Wat helpt om het los te laten
Je kunt je jeugd niet herschrijven, maar je kunt wel veranderen hoe die nu doorwerkt. Een paar dingen helpen daarbij.
Benoem het. Veel mensen twijfelen jarenlang of ze het zich niet verbeelden. Opschrijven wat je je herinnert, concreet en zonder oordeel, maakt het tastbaar. Een dagboek kan daarbij helpen, zoals we beschrijven in ons stuk over beginnen met journaling.
Kijk naar de context. Het onderzoek laat zien dat voorkeur vaak samenhangt met hoe makkelijk een kind was, met leeftijd en met geslacht. Dat praat niets goed, maar het haalt de pijn soms los van de gedachte dat er iets mis was met jou.
Stop met vergelijken waar het kan. Omdat de schade vooral via vergelijken loopt, helpt het om bewust te merken wanneer je dat doet. Je broer of zus is niet de maatstaf voor jouw leven.
Bepaal wat je nog verwacht. Sommige mensen willen een gesprek met hun ouders. Anderen kiezen ervoor om hun verwachtingen bij te stellen en het contact te houden zoals het is. Beide zijn een keuze, en beide kunnen rust geven.
Zoek hulp als het vastzit. Merk je dat het je relaties, je werk of je stemming blijvend beïnvloedt, dan kan een psycholoog helpen. Je huisarts kan je doorverwijzen.
Als je zelf ouder bent
Wie zelf kinderen heeft, herkent misschien dat het met het ene kind makkelijker gaat dan met het andere. Dat is normaal en zegt niets over je liefde. Het verschil zit in wat je ermee doet. Kinderen merken ongelijke behandeling feilloos op. Uitleggen waarom je een kind anders behandelt, bijvoorbeeld door leeftijd, kan helpen om het minder persoonlijk te laten voelen. Zo kan het patroon waar jij als kind last van had bij jou ophouden.