Van ambtenaar naar voor de klas: zo werkt omscholen tot leraar via zij-instroom
De Kamer wil onderwijsambtenaren omscholen tot leraar. Zo werkt zij-instroom al: eisen, tijd naast je werk, kosten, salaris en wie de opleiding betaalt.
Een meerderheid in de Tweede Kamer wil dat ambtenaren van het ministerie van Onderwijs die door de bezuinigingen hun baan verliezen, vrijwillig leraar kunnen worden, meldt de NOS. Dat plan is nog niet uitgewerkt. De weg zelf bestaat al wel en heet zij-instroom, en die staat ook open voor wie geen ambtenaar is. Wie hem overweegt, kan uit het verhaal van de Kamer vooral iets leren over waar zo’n overstap op stukloopt.
Wat de Kamer nu vraagt
De VVD vraagt het kabinet donderdag 5 november om een plan, met steun van D66, CDA, JA21 en 50Plus. Aanleiding is het voornemen om in negen jaar 25.000 rijksambtenaren te schrappen, zo’n 16 procent van de circa 160.000 voltijdsbanen. VVD-Kamerlid Kisteman denkt aan een wekelijkse studiedag op kosten van de overheid. Een reactie van het kabinet staat niet in het bericht, en staatssecretaris Van der Burg werkt zijn bezuinigingsplan pas in het voorjaar van 2027 uit.
Waarom dit eerder niet lukte
Het idee is niet nieuw. In 2008 liep een pilot die vijftig rijksambtenaren naar een middelbare school moest helpen, met een lange introductieperiode, een opleiding en een tijdelijke aanvulling als het salaris daalde. De SER concludeerde in 2011 dat dit niet slaagde, zo beschrijft de NOS. Scholen zaten niet te wachten op zij-instromers met weinig pedagogische ervaring, het lagere salaris bleek een grote drempel en ambtenaren waren bang hun vaste baan op te geven.
Die drie bezwaren zijn nog steeds de vragen die je jezelf moet stellen, want ze komen in de huidige route terug. Je hebt een school nodig die je wil hebben, je moet weten wat je salaris wordt, en je ruilt een bestaande baan in voor een nieuwe werkgever.
Je begint bij een school, niet bij een opleiding
Dat is het grootste verschil met een gewone studie. Zonder arbeidscontract kun je niet starten. De Universiteit Utrecht schrijft dat je al een aanstelling als docent in je vak moet hebben en je zonder medewerking van je werkgever niet kunt aanmelden. Je staat vanaf het begin zelfstandig voor de klas, met een mentor op school en begeleiding vanuit de opleiding.
Daarna volgt een verplicht geschiktheidsonderzoek, met een portfolio, een lesbezoek en een gesprek. Daarin wordt bekeken of je binnen twee jaar zelfstandig les kunt geven, want twee jaar is ook het wettelijke maximum van het traject.
Welke opleiding je nodig hebt, hangt af van waar je wilt lesgeven:
- In het voortgezet onderwijs leidt de route aan universiteiten tot een eerstegraads bevoegdheid. Leiden vraagt minimaal een wo-master of doctoraal met genoeg vakinhoud, Utrecht ziet een bachelor soms als voldoende bij relevante ervaring en vraagt minstens 120 studiepunten aan verwante vakken.
- In het basisonderwijs loopt het via een pabo. Inholland noemt in zijn veelgestelde vragen uit 2024 een erkend hbo-bachelor- of wo-diploma als harde eis van de overheid. Hbo-denkniveau zonder diploma is niet genoeg.
Een studiedag per week is krap
Hier zit de kanttekening bij het Kamervoorstel. Een vaste dag klopt met de praktijk: in Leiden moet je de hele maandag beschikbaar zijn, in Utrecht zijn de maandag en dinsdag de lesdagen van de opleiding, afhankelijk van het onderdeel. Maar de studie stopt niet bij die dag. Utrecht rekent bij een deeltijdtraject op 10 tot 15 uur per week, en bij voltijd op 20 tot 25 uur, nog zonder lesvoorbereiding en schooltaken. Heb je vakinhoudelijke achterstanden, dan loopt dat verder op.
Daarom adviseren de opleidingen een kleinere baan. Utrecht houdt het op maximaal 0,8 fte bij deeltijdstudie en 0,5 fte bij voltijd. Leiden is strenger en wil een baan van hooguit 0,6 fte naast het deeltijdtraject van anderhalf tot twee jaar. Wie nu fulltime werkt, gaat dus in die periode meestal niet fulltime lesgeven. Bespreek vooraf met de school wat dat voor je contract en inkomen betekent.
Wat het kost en wie betaalt
In Leiden gaat de factuur naar de school, niet naar jou, en de school kan daar subsidie voor krijgen.
| Post | Bedrag | Bron |
|---|---|---|
| Geschiktheidsonderzoek | 2.600 euro (Utrecht), 2.770 euro (Leiden) | UU, Universiteit Leiden |
| Opleiding | 5.000 tot 12.000 euro, afhankelijk van het programma | Universiteit Leiden |
| Subsidie zij-instroom voor de school | 25.000 euro per zij-instromer, regeling loopt tot 1 januari 2029 | Universiteit Leiden, UU |
De school vraagt die subsidie aan bij DUO en gebruikt hem voor onderzoek, opleiding en begeleiding. Daarom is de eerste vraag aan een school die je wil aannemen ook een praktische: nemen jullie de kosten voor je rekening, en wat gebeurt er als ik stop? Het antwoord op die laatste vraag hoort in je contract thuis. Moet je toch zelf bijspringen, dan helpt dit overzicht van wie een overstap betaalt om de opties te vergelijken.
Wat je gaat verdienen
Dit is de drempel die in 2008 zo zwaar woog. In het basisonderwijs begint schaal LB volgens de Rijksoverheid in november 2026 op 3.665 euro per maand en loopt die op tot 5.586 euro. Maar een zij-instromer hoeft niet onderaan te beginnen. Salaris hangt af van je beroep en werkervaring, en je maakt er samen met de werkgever afspraken over. Onderhandelen hoort er dus bij, en het helpt om eerst je huidige salaris goed te vergelijken.
Wachten of nu beginnen?
Ben je onderwijsambtenaar, dan is er nog niets te halen uit het Kamerplan, en het is ook niet duidelijk of er gedwongen ontslagen komen. Het ministerie van Onderwijs heeft wel ruim 400 miljoen euro gereserveerd voor het lerarentekort, schrijft de NOS, maar of daar iets voor deze groep uit komt, staat er niet bij.
Ben je geen ambtenaar, dan verandert het nieuws niets aan je kansen. De route ligt er al, met vaste instroommomenten per opleiding. In Leiden is de aanmeldtermijn voor de start in februari 2027 op 1 november verstreken en is de volgende deadline 1 mei, voor de start in augustus. Twijfel je nog of het vak bij je past, of over de overstap zelf, dan is omscholen na je dertigste een goed begin. Zonder school geen traject, dus een gesprek met een schoolleider is de logische eerste stap.