Geen minimum voor de stagevergoeding: wat je zelf kunt afspreken
Het kabinet maakt een stagevergoeding verplicht, maar zonder minimumbedrag. Wat je nu zelf kunt afspreken en wat er in je stageovereenkomst hoort.
Een stagevergoeding wordt verplicht, maar hoe hoog die moet zijn, legt het kabinet voorlopig niet vast. Minister Rianne Letschert (Onderwijs) houdt vast aan een wetsvoorstel zonder minimumbedrag, en daar zijn studentenbonden ontevreden over. Donderdag 8 oktober voerden ze actie bij de Tweede Kamer, meldt onder meer het Nederlands Dagblad. Voor wie omschoolt of naast het werk een opleiding volgt met een stage erin, verandert er dus voorlopig weinig. Hoeveel je krijgt, hangt af van wat je zelf afspreekt. In dit stuk lees je wat de plannen zijn, wat je mag vragen en wat er in je stageovereenkomst hoort.
Wat het kabinet wil en wat de bonden vinden
Het kabinet besloot deze zomer dat stagiairs in het mbo, hbo en wo straks recht krijgen op een vergoeding. Korte stages en stages in het buitenland vallen erbuiten. De hoogte laat de minister over aan de sectoren zelf. Volgens het Avans-blad Punt houdt Letschert de mogelijkheid open om later alsnog een minimum in te stellen, als de vergoedingen te laag blijven. De wet moet nog door de Tweede en Eerste Kamer en gaat volgens de NOS op zijn vroegst rond 2028 in.
De Landelijke Studentenvakbond (LSVb) wil wel een ondergrens. Voorzitter Evy Kras zei bij de actie dat de wet zonder minimumbedrag “symbolisch” blijft. De bond vindt eerder al dat alles onder de 40 procent van het minimumloon te weinig is.
Waarom die discussie zo fel is, laten de cijfers zien die de NOS noemde. Van de mbo-stagiairs kreeg volgens het CBS (maart 2025) maar 43 procent een vergoeding. In het hbo was dat volgens ResearchNed (2023) 75 procent. In het wo hing het af van het soort stage, 65 procent bij een verplichte stage en 91 procent bij een vrijwillige.
Wat je nu al kunt afspreken
Een wet die over een paar jaar ingaat, helpt je niet bij een stage die je volgende maand begint. Toch heb je meer ruimte dan je misschien denkt. Wij merken dat veel mensen, zeker wie op latere leeftijd een stage loopt, het gesprek over geld uit de weg gaan omdat ze blij zijn met de plek. Dat is begrijpelijk, maar een stage is geen gunst. Je levert werk en het bedrijf krijgt er iets voor terug.
- Kijk of er een cao is. In een aantal sectoren staat een stagevergoeding al in de cao. Vraag je stagebedrijf welke cao geldt en of daar iets over stagiairs in staat.
- Ken de afspraken van het onderwijs. Voor het mbo is er het Stagepact (2023 tot 2027), voor het hbo de Stagecode uit 2025. Je school weet wat daarin staat en kan je helpen.
- Vraag het vóór je tekent. Na ondertekening is onderhandelen lastig. Breng het ter sprake in het kennismakingsgesprek of zodra je een aanbod krijgt.
- Vraag naar onkosten. Ook als er geen of een lage vergoeding is, kun je vragen om reiskosten, een laptop of een lunchregeling.
- Vraag wat andere stagiairs krijgen. Dat is een nette en concrete manier om te horen wat gebruikelijk is binnen dat bedrijf.
Heb je al werkervaring en schoolt je om? Benoem dan wat je meebrengt. Een stagiair die al tien jaar in een ander vak heeft gewerkt, heeft minder begeleiding nodig en kan sneller zelfstandig meedraaien. Dat is een redelijk argument voor een hogere vergoeding.
Wat er in je stageovereenkomst hoort
Bij een mbo-stage teken je een praktijkovereenkomst met je school en het leerbedrijf. Bij een hbo- of wo-stage is er meestal een stageovereenkomst tussen jou, de onderwijsinstelling en het bedrijf. Lees die goed voordat je tekent en let op deze punten.
- De begin- en einddatum en het aantal uren per week.
- De hoogte van de vergoeding, wanneer die wordt betaald en of er belasting op wordt ingehouden.
- Welke onkosten worden vergoed, zoals reiskosten.
- Wie je begeleider op de werkplek is en hoe vaak je overleg hebt.
- Je leerdoelen of opdracht, zodat duidelijk is dat je komt om te leren.
- Wat er geregeld is bij ziekte, vrije dagen en als de stage voortijdig stopt.
- Hoe je verzekerd bent voor schade die je tijdens je werk maakt.
Let ook op wat je feitelijk gaat doen. Draai je volledig mee als gewone kracht, zonder begeleiding en zonder leerdoelen, dan is het de vraag of het nog een stage is. Bespreek het met je stagebegeleider van school als je twijfelt.
Als een stage financieel niet haalbaar is
Voor wie een vaste baan opzegt om om te scholen, kan een stage met weinig of geen vergoeding een flinke streep door de rekening zijn. Er zijn alternatieven. In het mbo kun je kiezen voor de beroepsbegeleidende leerweg, waarbij je in dienst bent en salaris krijgt. Wat dat inhoudt, lees je in ons stuk over leerwerktrajecten. Werk je nog, dan is het ook de moeite waard om je huidige werkgever om een opleiding te vragen.
Heb je een uitkering, overleg dan voordat je aan een stage begint met UWV of je gemeente. Een stage kan gevolgen hebben voor je uitkering, en dat wil je vooraf weten. Een wettelijk minimum zou veel van deze afwegingen makkelijker maken. Tot het zover is, is het gesprek over de vergoeding iets wat je zelf moet voeren, en dat mag je gerust doen.