Werkstress bij jongeren stijgt hard: zo bewaak je je grenzen in je eerste banen
Verzuim door werkstress stijgt, vooral bij jongeren. Wat de cijfers zeggen en hoe je in je eerste banen je grenzen bewaakt, zonder medisch advies.
Het verzuim door werkstress stijgt hard, en bij jongeren valt dat het meest op. Dat meldde De Telegraaf vrijdag 6 november, met in de kop de opvallende verklaring “Jongeren hebben vaak andere verwachtingen van baan”. Ook regionale kranten als Tubantia schreven deze week over meer uitval door psychische klachten, vooral bij vrouwen onder de 40. Wie net aan zijn eerste of tweede baan begonnen is, leest zoiets met een knoop in zijn maag. Daarom hier niet nog een keer de cijfers, maar de vraag wat je er zelf mee kunt in de jaren waarin je je werkritme nog moet vinden.
Wat de cijfers over jonge werkenden laten zien
De trend is niet nieuw, wel steeds scherper. Volgens cijfers van de arbodiensten ArboNed en HumanCapitalCare steeg het aantal verzuimdagen door stressklachten in vijf jaar met bijna 50 procent, meldde de NOS in september 2026. De monitor mentale gezondheid van het RIVM laat zien wie het hardst geraakt wordt. In 2025 had 20,7 procent van alle werknemers burn-outklachten, maar in de groep van 25 tot 34 jaar was dat 28,2 procent. Dat is de hoogste score van alle leeftijdsgroepen. Bijna drie op de tien jonge werknemers hebben dus minstens een paar keer per maand last van werkgerelateerde uitputting.
Waar dat vandaan komt, vroeg de FNV in januari 2026 aan bijna 2500 werkenden onder de 35. Van hen ervoer 57 procent veel tot zeer veel werkstress, en 40 procent zat ooit minstens een week thuis met stressklachten. Het opvallende zit in de oorzaken. Volgens het onderzoek van de FNV lag meer dan 80 procent van de genoemde stressfactoren direct in het werk zelf. Jongeren noemden werkdruk, maar ook een slechte inwerkperiode, onduidelijk leiderschap, onprettige omgang en te veel verantwoordelijkheid te vroeg.
Andere verwachtingen, of gewoon onduidelijke verwachtingen?
Die zin over andere verwachtingen kun je op twee manieren lezen. De ene lezing is dat jongeren te veel verwachten, van zingeving tot flexibiliteit. De andere lezing past beter bij wat jongeren zelf zeggen. Uit het FNV-onderzoek blijkt dat de stress vooral ontstaat waar verwachtingen nooit zijn uitgesproken. Je weet niet precies wat er van je gevraagd wordt, niemand vertelt je wanneer iets goed genoeg is, en dus doe je er maar een schepje bovenop. Juist in een eerste baan, waar je nog geen referentiekader hebt, is dat een recept voor overwerk.
Dat verklaart ook waarom een gebrek aan begeleiding zo hoog scoort. Een ervaren collega weet uit eerdere banen dat een rapport van tachtig procent vaak ook goed is. Een starter weet dat nog niet en levert honderdtwintig procent, elke week weer. Dat houdt niemand vol. Mijn indruk is dat de discussie over de verwachtingen van jongeren daarom vaak de verkeerde kant op gaat. Het probleem is minder dat jongeren iets anders willen, en meer dat niemand het gesprek erover voert.
Zo bewaak je je grenzen in je eerste banen
Medisch advies hoort hier niet thuis, en wie al klachten heeft, gaat het beste met de huisarts of bedrijfsarts praten. Maar er zijn wel dingen die je in een gezonde fase zelf kunt doen, en ze sluiten direct aan op de oorzaken die jongeren in het onderzoek noemden.
Maak de verwachting expliciet. Vraag in je eerste weken, en daarna bij elke grotere opdracht, wat het doel is, wanneer het af moet zijn en wat goed genoeg is. Dat voelt misschien als een domme vraag, maar het is precies wat ontbreekt als de inwerkperiode tekortschiet. Een leidinggevende die die vraag lastig vindt, vertelt je daarmee ook iets.
Leer nee zeggen zonder het woord nee. Starters zeggen vaak ja omdat ze zich willen bewijzen. Een tussenweg is de vraag terugleggen, bijvoorbeeld met “dat kan, maar wat schuift er dan op?”. Hoe je dat doet zonder schuldgevoel, lees je in ons stuk over vaker nee zeggen op je werk.
Let op verantwoordelijkheid die bij je terechtkomt. Te veel verantwoordelijkheid stond in de FNV-lijst. In krappe teams krijgen starters soms taken die eigenlijk bij een senior horen. Dat kan leerzaam zijn, maar alleen als er iemand is bij wie je terechtkunt. Is dat er niet, benoem het dan, liefst vroeg. Hoe je dat zegt zonder dat het een conflict wordt, staat in ons artikel over assertiever worden op je werk.
Houd je eigen signalen bij. Van de jongeren in het FNV-onderzoek zei 35 procent na een werkdag meestal uitgeput te zijn. Eén zware week is normaal, maar als dat gevoel weken aanhoudt, is dat een moment om aan de bel te trekken. Schrijf eens een paar weken op hoe je je na het werk voelt. Dan heb je in een gesprek met je leidinggevende iets concreets in handen, in plaats van een vaag gevoel.
Wat je van een goede werkgever mag verwachten
Grenzen bewaken is niet alleen jouw klus. Volgens de FNV dalen de problemen en het verzuim aantoonbaar als werkgevers nieuwe mensen zorgvuldig inwerken, behapbare taken geven, ruimte laten voor eigen keuzes en respectvol met jongeren omgaan. Dat is een bruikbare meetlat als je solliciteert. Vraag in een sollicitatiegesprek hoe het inwerken eruitziet en wie je vaste aanspreekpunt wordt. Het antwoord zegt vaak meer over de werkdruk dan de vacaturetekst.
Volgende week, vanaf maandag 9 november, is het bovendien de Week Zonder Werkstress, een goed moment om het gesprek op je werk te beginnen. In ons stuk over vijf kleine acties tegen werkdruk staat wat je die week zelf kunt doen. Een eerste baan hoort spannend te zijn. Uitgeput thuiszitten hoort daar niet bij, en hoe eerder je leert waar je grenzen liggen, hoe langer je plezier houdt in je werk.