voor wie net even iets meer wil weten
Persoonlijk

Ontfocussen voor een betere concentratie: waarom je brein moet kunnen dwalen

Hersenonderzoeker Srini Pillay pleit voor ontfocussen. Waarom je brein dwaalmomenten nodig heeft en hoe je ze inplant in een drukke werkdag.

Mick Punt 13 oktober 2026 4 min
Iemand kijkt naar buiten door een raam met een kop koffie in de hand
Foto: jerry chen via Unsplash

Focus is het toverwoord van onze tijd. Er zijn apps om afleiding te blokkeren, koptelefoons die het kantoorgeluid wegdrukken en hele boeken over diep werken. De Amerikaanse psychiater en hersenonderzoeker Srini Pillay zegt iets wat daar haaks op lijkt te staan. Om scherp te blijven, moet je je brein juist geregeld laten dwalen. In Happinez legt hij uit dat een kwartier dagdromen wonderen kan doen. Hoe zit dat, en hoe doe je dat op een gewone werkdag?

Wat ontfocussen is

Pillay vergelijkt focus met een zaklamp. Wat in de lichtbundel valt, zie je haarscherp. Alles daarbuiten mis je. Dat is handig als je een rapport moet afmaken, maar het maakt je ook blind voor verbanden en nieuwe ideeen. Ontfocussen is het moment waarop je die zaklamp uitzet en je gedachten vrij laat gaan. In zijn boek, dat in het Nederlands verscheen als Minder focus, meer effect, werkt hij dat idee uit.

Ontfocussen is iets anders dan afgeleid zijn. Wie tussen twee taken door naar zijn telefoon grijpt, rust niet uit. Zijn aandacht springt alleen naar een andere prikkel. Echt ontfocussen is zonder doel bezig zijn, zonder nieuwe informatie binnen te halen.

Waarom je brein dwaalmomenten nodig heeft

Als je nergens bewust mee bezig bent, valt je brein niet stil. Er wordt dan een netwerk van hersengebieden actief dat onderzoekers het default mode network noemen, vrij vertaald het standaardnetwerk. Dat netwerk speelt een rol bij herinneren, plannen en verbanden leggen tussen wat je nu meemaakt en wat je eerder hebt meegemaakt. Volgens Pillay worden in die rustmomenten recente herinneringen opgeslagen en ontstaan er nieuwe verbindingen.

Dat verklaart een ervaring die bijna iedereen kent. Het goede idee komt niet achter je bureau, maar onder de douche, tijdens het fietsen of bij het afwassen. Op dat moment werkt het standaardnetwerk op volle toeren, juist omdat je niet probeert iets te bedenken. Pillay stelt dat afwisselen tussen focus en ontfocussen je productiever en creatiever maakt, en dat het stress vermindert.

Wij vinden dat een geruststellende boodschap. Een moment staren uit het raam is geen luiheid. Het is onderhoud.

Zo plan je dwaalmomenten in een werkdag

Het lastige is dat ontfocussen bijna nooit vanzelf gebeurt. Een volle agenda en een telefoon binnen handbereik zorgen ervoor dat elk leeg moment wordt opgevuld. Je moet er dus bewust ruimte voor maken.

  • Zet een kwartier in je agenda. Plan halverwege de ochtend en halverwege de middag een blok van een kwartier zonder scherm. Behandel het als een afspraak. Wie al met timeblocking werkt, zet het er gewoon als vast blok tussen.
  • Doe iets eenvoudigs met je handen of benen. Pillay raadt aan om te dagdromen tijdens een rustige bezigheid, zoals wandelen, breien of tuinieren. De taak houdt je net genoeg bezig om niet in piekeren te vervallen, terwijl je gedachten vrij kunnen rondgaan.
  • Laat je telefoon achter. Een wandeling met een podcast in je oren is ontspannend, maar geen ontfocussen. Je haalt dan weer nieuwe informatie binnen. Ga zonder geluid en zonder scherm naar buiten.
  • Doe een kort dutje. Pillay noemt ook een korte slaap als manier om je brein te laten resetten. Tien tot twintig minuten is voor de meeste mensen genoeg om er frisser van te worden zonder suf wakker te worden.
  • Krabbel. Tekenen zonder doel tijdens een telefoongesprek of een overleg lijkt onbeleefd, maar helpt sommige mensen juist om hun aandacht vast te houden. Het geeft je brein net genoeg te doen om niet weg te zakken.

Dagdromen of piekeren

Niet elk dwalen is goed. Wie in rustmomenten vooral blijft hangen in zorgen, raakt er eerder door uitgeput dan opgeladen. Pillay maakt daarom onderscheid tussen piekeren en wat hij positief en constructief dagdromen noemt. Bij dat laatste stel je je bijvoorbeeld een prettige plek voor, of iets waar je naar uitkijkt, en laat je je gedachten van daaruit hun eigen gang gaan.

Merk je dat je gedachten steeds naar dezelfde zorg terugkeren, dan helpt het om die zorg eerst op te schrijven, met wat je er morgen aan gaat doen. Dan hoeft je hoofd hem niet meer vast te houden. Ook een korte wandeling in het groen werkt goed, omdat de omgeving je aandacht zachtjes naar buiten trekt. Wat tien minuten natuur met je brein doet, beschreven we in ons stuk over tien minuten de natuur in.

Begin klein

Je hoeft je werkdag niet om te gooien. Begin deze week met een enkel kwartier per dag zonder scherm en zonder doel. Let erop wanneer je daarna weer aan het werk gaat. De kans is groot dat je merkt dat het daarna makkelijker gaat. Dat is het punt van Pillay. Focus is geen spier die je de hele dag kunt aanspannen. Hij werkt pas echt goed als je hem af en toe loslaat.

Cookies en statistieken