Een persoonlijk ontwikkelingsplan maken dat je ook echt gebruikt
Een POP hoeft geen dik document te zijn. Met één pagina, drie concrete doelen en een goed gesprek met je leidinggevende maak je een plan dat je echt gebruikt.
Een persoonlijk ontwikkelingsplan klinkt als iets wat HR je eens per jaar laat invullen en wat daarna in een map verdwijnt. Zonde, want een goed plan is juist het handigste stuk papier dat je kunt hebben als je dit najaar wilt groeien in je werk of wilt overstappen. Het geheim is dat het klein blijft. Eén pagina, drie doelen, en een afspraak met je leidinggevende om er samen naar te kijken. Zo maak je er een plan van dat je echt gebruikt.
Wat een persoonlijk ontwikkelingsplan wel en niet is
Een persoonlijk ontwikkelingsplan, vaak afgekort tot POP, beschrijft waar je nu staat, waar je naartoe wilt en wat je de komende maanden doet om daar te komen. Het is geen functioneringsverslag en ook geen verlanglijstje met cursussen. Het is een werkdocument dat jij beheert.
Veel plannen sneuvelen omdat ze te groot worden. Tien ambities, vijf trainingen, een nieuwe rol over twee jaar en ondertussen ook nog beter leren presenteren. Na drie weken weet niemand meer wat erin stond. Wij zijn ervan overtuigd dat de beperking het hele punt is. Wie kiest, gaat ook echt iets doen.
Begin met één pagina en drie vragen
Pak een leeg document en beantwoord drie vragen, elk in een paar zinnen.
- Waar sta ik nu? Wat gaat goed in je werk, waar krijg je energie van en waar loop je vast? Vraag eventueel twee collega’s wat zij zien. Hoe je dat aanpakt zonder dat het ongemakkelijk wordt, lees je in ons stuk over om feedback vragen op je werk.
- Waar wil ik over een jaar staan? Denk niet alleen aan een functietitel. Misschien wil je zelfstandig projecten leiden, minder overwerken of serieus verkennen of een ander vak bij je past.
- Wat heb ik daarvoor nodig? Kennis, ervaring, een netwerk, tijd of juist iemand die met je meekijkt.
Uit die antwoorden haal je drie doelen. Niet meer. Liefst een mix van een doel voor je huidige werk, een doel voor je ontwikkeling op langere termijn en een doel dat over je balans gaat, want groeien terwijl je uitgeput raakt houdt niemand vol.
Maak van elk doel iets wat je kunt afvinken
Een doel als “beter worden in leidinggeven” is een richting, geen plan. Maak het concreet met een eerste stap en een moment waarop je terugkijkt. Een paar voorbeelden van hoe dat eruit kan zien.
| Vaag | Concreet | Eerste stap |
|---|---|---|
| Beter presenteren | Voor de zomer twee keer het teamoverleg openen met een update van tien minuten | Deze maand vragen of ik de update in november mag doen |
| Iets met data doen | Een basiscursus data-analyse afronden en één rapportage zelf bouwen | Drie cursussen vergelijken en er voor 1 november een kiezen |
| Minder overwerken | Op dinsdag en donderdag om half zes de laptop dicht | De vaste overleggen na vijf uur bespreken met mijn team |
Meer over het verschil tussen een voornemen en een plan staat in ons stuk over een haalbaar doel stellen. De kern is dat de eerste stap zo klein is dat je hem deze week al kunt zetten.
Het gesprek met je leidinggevende
Een plan dat alleen in je eigen la ligt, mist een belangrijke bondgenoot. Je leidinggevende kan tijd vrijmaken, je op een project zetten of een opleiding goedkeuren. Plan daarom een apart gesprek, los van de beoordelingscyclus, met als onderwerp je ontwikkeling.
Zo pak je dat gesprek aan.
- Stuur je pagina vooraf. Dan hoeft je leidinggevende niet ter plekke te reageren en komt het gesprek sneller tot de kern.
- Begin bij het werk. Leg uit wat jouw doelen opleveren voor het team. Een collega die zelf rapportages kan bouwen, scheelt een ander werk. Dat argument werkt beter dan “ik wil graag groeien”.
- Vraag om iets concreets. Tijd voor een cursus, een klus waarin je kunt oefenen, of een collega die je een paar keer mag meelopen. Wil je een betaalde opleiding, dan helpt ons stuk over je werkgever om een opleiding vragen.
- Spreek een terugkijkmoment af. Zet het meteen in beider agenda, over drie maanden. Zonder die afspraak verdwijnt het plan alsnog in de map.
Merk je dat het gesprek vooral over je functioneren gaat en weinig over je ambities, dan is dat ook informatie. Een organisatie die geen ruimte maakt voor ontwikkeling, vertelt je iets over je toekomst daar.
Wie kan er meekijken?
Lastig om zelf te bepalen waar je naartoe wilt? Je hoeft het niet alleen te doen. Het Leerwerkloket geeft kosteloos en onafhankelijk loopbaan- en scholingsadvies, voor werknemers, werkzoekenden en mensen die nog op school zitten. De adviseurs denken mee over een carrièreswitch, omscholing of bijscholing en kunnen ook vertellen hoe je een opleiding zou kunnen financieren.
Speelt er meer, zoals de vraag of je in het juiste vak zit of een twijfel die al jaren meegaat, dan kan een loopbaancoach de moeite waard zijn. En wie al weet dat het een ander vak wordt, vindt een stappenplan in ons stuk over omscholen na je dertigste.
Zo houd je het plan levend
Een plan werkt pas als je het gebruikt. Drie gewoontes helpen daarbij.
- Een vast moment per maand. Zet op de eerste vrijdag van de maand een kwartier in je agenda. Wat heb ik gedaan, wat liep anders, wat is de volgende stap?
- Pas het aan zonder schuldgevoel. Een doel dat na twee maanden niet meer klopt, mag eruit. Dat is geen falen maar voortschrijdend inzicht. Vervang het door iets wat nu wel past.
- Bewaar je bewijs. Houd onderaan je pagina bij wat je hebt afgerond. Een certificaat, een project, een compliment van een klant. Bij je volgende gesprek over salaris of een nieuwe rol is dat goud waard.
Het najaar is een goed moment om te beginnen. Het jaar is nog niet voorbij, dus je kunt nog iets afronden, en tegelijk geeft het plan richting aan de maanden daarna. Heb je dit jaar nog een openstaand doel, kijk dan ook naar ons stuk over het laatste kwartaal. Eén pagina, drie doelen en één gesprek. Meer is het niet, en juist daardoor gebeurt het ook.